Kerk in brand

Maandagavond stond de Notre Dame de Paris in lichterlaaie.

Een vuurzee steeg op van de kerk de lucht in.

De vlammen kleurden de omgeving in een onheilspellende gloed 

Verschrikkelijk!

 Een gouden kruis schittert tussen de zwartgeblakerde brokstukken;

de Pieta – ‘Maria draagt de gekruisigde’ – is ook ongeschonden (beeld: afp)

Dat het majestueuze orgel uit de Middeleeuwen nog in tact zou zijn – afgezien van waterschade is wel opmerkelijk. De ramen met Bijbelse voorstellingen in glas in lood zijn ook niet bezweken in de hitte.

Er is wereldwijd met ontzetting gereageerd.

Hoe kan dat?

Ik voelde me ook onpasselijk worden bij de beelden van die vlammen die hoog boven het dak uitkwamen. Ik herinner me een zondagavond in de zomer, jaren geleden, met een prachtige kerkdienst, mooie muziek en een aansprekende preek in plechtig en verstaanbaar Frans.

En nu?

De kracht van afbraak en onttakelijking van wat tot het heilige behoort – dat voel je!

Je weet met je verstand, dat wat jij heilig vindt niet meteen ook door een ander als heilig wordt ervaren. Daar hebben we in Nederland al jaren ervaring mee. ‘Godsdienstvrijheid’ noemen we dat met een positief woord. Het betekent gewoon, dat je elkaar de ruimte moet geven voor een eigen geloof. 

Maar een positieve waardering van wat geloof kan inhouden  – daar gaat het niet om bij die godsdienstvrijheid. Het is meer een waarschuwing: blijf van het heilige van een ander af.

Toch is die algemene ontzetting wereldwijd een teken, dat er wel respect leeft voor een monument dat gewijd is aan heiligheid. 

En dan gaat het me niet alleen om relikwieën, zoals een stuk van de doornenkroon, een spijker van de kruisiging en een stukje kruishout van Jezus. 

Het gaat me vooral om de muziek en de aandacht voor religieuze kunst en de rust van het openen van de Schriften en een toelichtende meditatieve verwoording, de liturgische zang en het breken van het brood en het rondgaan van de beker der dankzegging.

Omdat Ria woensdag na Pasen een hartkatheterisatie moet ondergaan, krijgen we veel blijken van meeleven. Van een moslima horen we, dat ze voor ons bidt, van een rooms-katholieke dame horen we, dat ze een kaarsje bij Maria in de kerk had gezet met een gebed heel zachtjes, maar wel zo dat Maria het ongetwijfeld gehoord heeft. Dat behoort tot het heilige, waar je misschien zelf iets anders in staat, maar waar je je toch deelgenoot van mag voelen. En het hartverwarmende gaat alle verschillen te boven.

Door gesloten deuren heen.

Dat overstijgende van het heilige heeft te maken met het wonder, dat het leven door doodse dalen heen kan breken en dat de Opgestane (of: Verrezene ) door gesloten deuren heen naar binnen komen kan.

Dat heeft toch echt met Pasen te maken. 

Dat een gouden kruis schittert te midden van de ravage en de puinhopen van een ingestort kerkdak in Parijs… 

Dit alles is begonnen met de Gekruisigde, die uiteindelijk kon zeggen: ‘het is volbracht’. Maar daarmee is het niet afgelopen. Ja, de Gekruisigde is begraven. En volgens is de gestorvene opgewekt en opgestaan uit de dood. 

Het gesloten graf kent opeens een weggerolde steen met een heraut die roept tegen iedereen die het maar horen wil: “Hij is hier niet, want Hij is opgestaan!” 

Eenvoudiger kan het niet gezegd worden.

En dit onwaarschijnlijke gebeuren maakt de wereld sprakeloos, want wie kan dit begrijpen? En toch worden er woorden voor gevonden: Eerstgeborene uit de doden.

En de apostel Paulus geeft stem aan een wellicht vlak na Pasen ontstane hymne: “De dood is opgeslokt en overwonnen. Dood, waar is je overwinning? Dood, waar is je angel?”  (1 Korintiërs 15: 54,55). 

Tegelijkertijd blijft de pijn van verwoesting, afbraak, vervlakking. 

Ik zeg dat maar eerlijk. Want praatjes vullen geen gaatjes.

En toch: dat er een Eerstgeborene uit de doden is, geeft aan, dat verwoesting, afbraak en vervlakking niet het laatste woord hebben.

Want de werkelijkheid wordt net zo goed geraakt door de woorden van Paulus uit Romeinen 8: niets kan ons scheiden van de liefde van God die is in Christus Jezus, onze Heer.

De pijn van brand en verderf is groot.

Toch is er naast de pijn ook de bemoediging. 

En dat laatste is de mooie taak van de kerk om daar hoe dan ook stem aan te geven.

In die rol voel ik me als een vis in het water.

Ds. Wim Scheltens

Similar Posts